Dappere dakpompoenen

…en elke keer als ik dat opschrijf denk ik: ‘Suske en Wiske en de dappere dakpompoen’. :lol:

Bij mijn tuinavonturen zit er af en toe een kink in de kabel: ik denk als een moestuinier, terwijl ik maar een klein achtertuintje heb. Een ‘echte’ moestuin zit er gewoon niet in, dat zou ik nooit bij kunnen houden, dus qua hobby moet ik het hiermee doen. Deels los ik dat op door verwachtingen bij te stellen, grenzen te accepteren, en meer van dat volwassens. En deels…trek ik me er niks van aan:). Daarom heb ik in mijn tuin emmers met aardappelen, bloembakken met mosterdblad – en nu dus dakpompoenen!

Hier is eerst weer het overzicht:

tuin_whole

Netjes, hè? Ik had een paar energieke dagen en heb daarvan gebruik gemaakt om de hele tuin op te ruimen – dat bergje afval bij de rabarber moet ik nog afvoeren:) – weer nieuwe dingen in te zaaien en de vruchtgewassen uit te planten.

Afbeelding

De border vanaf het terras. De tuinbonen schieten al wat verder omhoog, een deel van de radijs en het mosterdblad is inmiddels geoogst. Ik heb nu ook pastinaak, wortel en snijbiet uitgeplant. Dat was een ramp: vorig jaar lukte het me in wc-rollen aardig goed om knolgewassen op te kweken (met als resultaat een nette knol dus), maar dit jaar had ik in P9-potjes voorgezaaid. Op de een of andere manier waren die te droog gebleven of waren de plantjes niet goed genoeg beworteld, waardoor de kluit uit elkaar viel en het één groot gepruts werd met zaailingetjes die door de aarde lagen. De radijzen zijn daardoor miniscuul gebleven; een volgende lichting – ook van wortel – heb ik direct in de grond bijgezaaid.

Afbeelding

Gelukkig mocht van het recept voor radijzenspaghetti het bladgroen van de radijs er ook bij. En lékker! Alweer lekker. Ook die salade. Dit kon weleens de zomer van de salade worden…en ik *lust* officieel niet eens sla! Of misschien moet ik zeggen, lustte:).

Afbeelding

De tomaten, komkommers, pompoenen, aardappels en courgette staan nu allemaal in de emmers achterin de tuin. Ik noem dit mijn ‘prime real estate’, het is eigenlijk de enige plek in de tuin waar deze zonliefhebbers goed kunnen groeien, met een schutting in de rug en 12+ uur zon per dag.

Achterste rij vlnr: Munchkin pumpkins, tomaat Boxcar Willie, komkommer Improved Telegraph, komkommer Lemon Appel, klimcourgette.
Voorste rij vlnr: 3 x Balkonzauber, 2 x gele cherry, 2 x pomodori, 1 x Tasty Tom, 1 x Tasty Tom, Franceline poters, Frieslander/Charlotte, Pink Fir.

Ik vind het interessant om te zien hoe ver veel andere mensen zijn met hun tomaten. Hele trossen bloemen hangen er al in, vaak zelfs al de eerste tomaatjes. Als ik mijn eigen updates erop na lees ben ik dit jaar vroeger dan vorig jaar, maar hier komt pas net het allereerste trosje bloemen in de planten! Ben benieuwd hoe dat allemaal uitpakt. Volgens mij ben ik er niet te laat bij ofzo – althans, dat hoop ik. De tomaten zien er in elk geval gelukkig en tevree uit (of maak ik mezelf dat maar wijs? :mrgreen: ).

Afbeelding

En als we het dan over gelukkig en tevree hebben: dat waren deze blauwe bessen bepaald niet. Ze lieten al hun bloempjes vallen. Logisch, want het heeft na de mtfd bijna een maand geduurd voordat de sterren, neuzen, energievoorraden en organisatievermogens allemaal goed stonden en ik ze in deze schitterende ex-soeppan kon uitplanten met tuinturf. Maar ik geloof dat ze het nu wel naar hun zin hebben. Er ligt nog een laagje coniferenmulch bovenop de turf, dat moet nog wat dikker, en dan hoop ik dat ze zich herpakken en me volgend jaar belonen met een mooie oogst! Sorry blauwe bessen, I failed you… :oops: Hebben jullie dat ook, dat intense, verstikkende verantwoordelijkheidsgevoel?:)

Afbeelding

Vanuit het slaapkamerraam naar beneden gefotografeerd: de plannen die nog op stapel staan. Links zie je drie lege emmers, daar komen de pepers in. Onder de glasplaat staan pas gezaaide bonen, als die op komen mogen ze de peulen op het staketsel gezelschap gaan houden. Verder staan er bijvoorbeeld nog zonnebloemen te wachten tot ze groot genoeg zijn om geen eenhapsmaaltijd voor de slakken te vormen. De slakken eten hier trouwens, wait for it…AARDPEREN. Ik zweer het. Een border vol tere wortel- en bietenzaailingen, en wie worden er aangevroten, de aardperen! Rare jongens, die slakken.

Op het tafeltje staat ruilgoed: ik ga morgen in Utrecht met mijn overschot zaailingen – oa. kool – naar een plantjesmarkt. Daar zullen we zien of ik ze goed genoeg heb opgevoed om ook andere mensen te charmeren, zodat ze mee naar huis mogen.

En dat zijn dan ongeveer mijn plannen: in de ‘grote’ border wachten op bonen/peulen en knolgewassen, en ondertussen de lege plekken opvullen met bloemigs van de ruilmarkt; in de vrucht- en fruitborders wachten op oogst; de zaaibak opnieuw inplanten met een slamengsel, en de kruidenborder aanvullen met oa. hyssop en salvia (ook van de ruilmarkt).

Oh, en niet te vergeten…de dakpompoenen omlaag kijken!

dakpompoenen

Ik geef toe: een beetje James Bond-gevoel krijg je er wel van. Iets te kleine ladder, andere voet op de keukendeur, en jezelf heroïsch omhoog hijsen terwijl de buurvrouw met een ongerust gezicht je enkel ondersteunt. Maar niet alleen aan thrillseekers biedt het kweken van dakpompoenen mogelijkheden!

Op internet vind je veel topics over mensen die pompoenen omhoog wilden leiden, maar ik heb er eigenlijk geen gevonden waar het ook echt lukte (behalve op een stevige pompoenenboog). Toen zag ik op een gegeven moment bij iemand pompoenen op het dak. En zo kwam ik zelf uiteindelijk op het omgekeerde van omhoog leiden: de pompoenen hoog kweken en naar beneden laten hangen (het keukendak zou de ranken verschroeien)!

Ik heb een ras uitgezocht dat relatief veel, hele kleine, pompoenen per plant voortbrengt: Munchkin pumpkin van Sarah Raven. Als het goed is kunnen de ranken dus overhangen, zonder dat de planten te zwaar worden of dat er ‘sloopkogelpompoenen’ tegen de muur knallen bij harde wind. Door de pompoenen op dit hoekje van het keukendak te zetten – niet meer op het schuurdak zoals vorig jaar – hangen de ranken straks ook het grootste deel van de dag in de zon, niet alleen de planten zelf. In de bakken heb ik veel compost en potgrond gedaan, gemulched met oa. smeerwortelblad en onderin wollen ‘lonten’ aangebracht voor de afwatering. Ik heb er ook wat kruipende klaver bij gezet als bodembedekking, en papavers die hopelijk straks wat bijen kunnen lokken. Dat alles was gratis onkruid, ‘gejut’ in de straat:). Als het met die papavers niet wil zet ik er straks gewoon andere bloemetjes bij. En dan maar hopen dat het lukt!
Nou ja, met één pompoen per plant zou ik al heel blij zijn eerlijk gezegd :D

image_pdfimage_print

Tuinseizoen 2016: van groene blaadjes en geluksdiners

Hoera! Hoera! Hoera! De tomaten staan buiten, sla schiet omhoog, mijn neus is voor het eerst verbrand. De lente is in het land en heeft alles wakker gekust.

In mijn tuin is dit het tijdperk van de groene blaadjes. Omdat ik relatief laat zaai heb ik nog geen wortels of snijbiet, zelfs nog geen radijs, maar pluksla, mosterdblad en raapsteel waren er afgelopen week te over. Ik heb zelfs al een keer gasten een volledige maaltijd uit eigen tuin voor kunnen zetten! Sjongejonge zeg – ik geloof niet dat je me veel gelukkiger kunt krijgen. En dat alles voor een paar euro aan zakjes zaad. Koopje!

Eerst gaan we weer naar het totaaloverzicht van de border. Om een beter beeld te krijgen ben ik dit keer op het tuintafeltje gaan staan (wat niet in alle opzichten een goed idee was):

Afbeelding

Dankzij de nieuwe techniek kun je wel beter zien hoe het erbij staat: alweer iets voller dan een week geleden. Achteraan zie je roos, muurbloem, smeerwortel en doornloze braam; het oranje stipje is een Geum die ik net vandaag heb uitgeplant. Daarvoor staan peulen, mosterdblad en tuinbonen. Ik heb gemulched met een mengsel van fijngeknipte plantenresten en koffiedik. Hopelijk schrikt de geur ook gelijk de kat af die elke nacht rechts van het paadje, waar nu het gaas staat, sch*#t (nee, het is niet onze eigen kat, die doet het netjes in de kattenbak:)). Mijn net uitgeplante lente-uitjes lagen vanochtend helemaal overhoop! Daarom maar even tijdelijk een stuk gaas neergezet, om hem/haar te beletten zijn/haar achterwerk neer te vlijen.

Links voor de peultjes nog hele kleine bietjes die ik heb uitgeplant; daarvoor radijsjes en wat paars mosterdblad (goh, valt het jou ook op dat het woord ‘mosterdblad’ best vaak valt?). Oh! En nog twee verbena’s.

Ik heb trouwens een heuse Theorie ontwikkeld over de bladgroente in mijn tuin (waaronder het mosterdblad). Of liever gezegd, een Werkwijze. Vorig jaar merkte ik al dat spinazie bij mij niet goed wil en dat ik gewone sla niet zo lekker vind. Inmiddels heb ik zoveel alternatieven ontdekt dat ik het volgende heb bedacht:
– in alle gerechten waar spinazie voor nodig is vervang ik dat door boomspinazie, snijbiet, NZ-spinazie en/of grof mosterdblad.
– sla teel ik alleen nog in een grote bak als pluk’sla’, waarbij ik slasoorten, mosterdblad, rucola, raapsteel en melde door elkaar heen zaai en dan met één vloeiende beweging een gemengde salade kan plukken (dat vind ik wel lekker namelijk). En als ik dat in mijn zaaibak doe heb ik ook genoeg om meer dan één keer sla te kunnen eten.

Volgens mij moet het op deze manier mogelijk zijn om de hele zomer (en najaar?) door toch wel ongeveer één keer per week bladgroen uit eigen minituin te eten. Het begin is er alvast!

Afbeelding

De peultjes in close-up. Ze beginnen nu echt de lucht in te schieten!

Afbeelding

In het ‘verdomhoekje’ komen de aardperen ook boven de grond.

Afbeelding

De kruidenborder die, als ware het Maria Carey, een meest flatteuze kant heeft. Hij is nu namelijk vrij leeg – als je goed kijkt zie je wel wat net uitgeplante dille, koriander en peterselie die hopelijk flink gaan groeien – maar vanaf deze kant lijkt het nog wat door de bieslook. Ik heb wel de kruiden nu al meer gebruikt dan vorig jaar in een heel jaar! En mijn nieuwe frambozen doen het trouwens ook goed.

Afbeelding

Een gezellig mandje met restborderplanten en restaardbeitjes, geheel in lijn met de rest van de tuin.

Afbeelding

De ‘fruitborder’. Ik ben vergeten er een foto van te maken, maar ER ZIJN KERSEN GESIGNALEERD! En veel ook. Joehoe, ik krijg kersen! Oh, en dat groene waasje wat je op de grond ziet is een heel dun laagje conifeermulch van de buurvrouw haar conifeer. Wat een pokkewerk, zeg. En ik ben nu definitief de buurtgek die met snoeischaar in de hand lukraak planten van andere mensen loopt te kortwieken :D

Afbeelding

Je ziet dat het echt al een Heule Dikke Laag is, dus ik moet nog wel een keer terug naar de conifeer. Nou ja, ze denken nu toch al dat ik gek ben.

Afbeelding

Dit waren de emmers gisteren om half zes. Om zeven uur was de doorgeschoten broccoli (in zijn geheel) verwerkt in een heerlijk soepje, en was de sla-emmer leeg. En onze borden vol! In de leeggekomen emmers ga ik nu nog de laatste tomaten overzetten.

Afbeelding

Bijna alle tomaten heb ik op de normale manier geplant en aangebonden, maar met deze tomaat ga ik een experiment doen. Vorig jaar heb ik namelijk op het Praxxus channel (YouTube) in een hele gave video gezien hoe Ray een tomaat bijna helemaal begraaft, waarna niet alleen de stam maar ook twee dieven weer boven komen en hij dus eigenlijk een tomatenstruik krijgt. Die dan vervolgens een soort bizar, eindeloos producerend tomatenmonster wordt. Hij deed dat met een Boxcar Willie tomaat, hetzelfde ras als dit. Geen idee wat ik moet verwachten, maar ik vind het nu al leuk :cool: Ray woont trouwens in Iowa, dus niet per se een veel langer seizoen dan hier (mocht dat je eerste kritische gedachte zijn:)).

Afbeelding

Aardappelen! Ze staan er vooralsnog mooi bij vind ik. Ergens is het totaal onlogisch om aardappelen te telen in mijn piepkleine tuin, maar ik vond het vorig jaar zo leuk om te ‘schatgraven’ dat ik me van geen enkele logica iets aantrek als het om aardappelen gaat.

Afbeelding

Eigenlijk is dit soort huisvlijt niets voor mij, maar sinds ik af en toe op andere (bloemrijke) tuinen kom ben ik langzaam de waarde van snijbloemen gaan inzien. En omdat dit ook een soort oogst uit eigen tuin is mocht het er wel bij, vond ik (roos en clematisbloem).

Nou, en daar komt ‘ie dan tot slot hoor: Het Etentje! Met verse broccoli in de soep, munt in de couscous, sla in de salade en raapsteel/mosterdblad in de spanakopitaflapjes. Eet smakelijk! Eh, tot volgende keer! :wave:

Afbeelding

image_pdfimage_print

David Bowie: authenticiteit

Always remember that the reason you initially started working, was that there was something inside yourself that you felt, if you could manifest it in some way, would allow you to understand more about yourself and how you coexist with the rest of society.

<3<3<3

image_pdfimage_print

Over lepels en keuzes

spoon

Vandaag gaan we het hebben over lepels. Nee, niet die dingen waar je soep mee eet. Of wel, maar voor chronisch zieke mensen betekenen ‘lepels’ ook iets anders.

De Lepeltheorie, geschreven door Christine Miserandino, vergelijkt het hebben van een chronische ziekte met het hebben van een keukenla met te weinig lepels. De la vult zich maar één keer per dag en je kunt je lepels niet hergebruiken. Heb je drie lepels, en verbruik je ze met het eten van een bakje yoghurt, het voeren van de kat en het stiekem proeven van browniedeeg – dit voorbeeld is natuurlijk puur fictief:) – dan heb je geen lepels meer over als er ‘s avonds bezoek komt dat bij jou soep wil eten. En zul je helaas ‘nee’ moeten zeggen. Je kunt hoog of laag springen, er zijn geen lepels meer.

Wat mij het meest heeft geraakt toen ik deze theorie ontdekte, was die eindigheid. Nee, je kunt niet alles, ‘als je maar wilt’. Er is niet altijd een slimme truc, alternatieve route of out-of-the-box onderhandelmethode om tóch ergens meer lepels vandaan te halen. Soms zijn de lepels gewoon op.

cupboard with opened empty drawer, 3d render

Dat betekent ook dat alles een keuze is.
Ik herhaal het nog even, want het bepaalt mijn hele leven: ALLES is een keuze.
Spontaan nog even mee gaan naar dat terrasje, betekent een slechte nacht en die werkopdracht morgen niet afkrijgen. Wat betekent dat die overmorgen moet. Wat betekent dat ik daar in het weekend van moet uitrusten en misschien niet mee kan naar die bruiloft. Of ik ga wel mee, maar dan lig ik daarna weer twee dagen in bed. Wat betekent dat ik die sportles waar ik zo goed mee bezig was, ga missen. En ik niet naar de winkel kan, waardoor ik die twee dagen weer slechter eet. Waardoor ik pas rond woensdag weer een beetje lekker in mijn vel zit. Terwijl ik donderdag al met die zware training begin. Etcetera, etcetera, etcetera.

Soms kun je het zelf handiger aanpakken. In het eerste voorbeeld had ik dat browniedeeg misschien niet stiekem moeten eten. Als er dan één bezoeker was gekomen, had ik die in ieder geval een kommetje soep kunnen aanbieden. Maar wat nou als het bezoek met zijn tweeën of drieën was geweest? Dan had ik alsnog lepels tekort. Je kunt niet alles controleren, er gebeuren elke dag aan één stuk door onverwachte dingen. En dan moet je dus wel eens ‘nee’ zeggen. Ook als je heel  hard ‘ja’ wil roepen.

Christine Miserandino brengt die frustratie zo onder woorden:

 

It’s hard, the hardest thing I ever had to learn is to slow down, and not do everything. I fight this to this day. I hate feeling left out, having to choose to stay home, or to not get things done that I want to. […]

 

The difference in being sick and being healthy is having to make choices or to consciously think about things when the rest of the world doesn’t have to. The healthy have the luxury of a life without choices, a gift most people take for granted.

 

En waarom schrijf ik dit nu allemaal op? Omdat ik weer eens gefrustreerd ben dat ik gisteren een mooie avond met mijn familie doorbracht, en nu een hele dag in bed moet liggen? Ja, gedeeltelijk. Maar ook omdat ik me de positieve kant van het hebben van weinig lepels vandaag zo hard realiseer.

Na jaren van lepeltraining kan ik nu heel goed keuzes maken. Ik ken mezelf en ik respecteer mezelf. Ik durf ‘nee’ te zeggen en alleen te zijn. En dat geeft me ondanks al mijn beperkingen een enorme vrijheid.

Om me heen lopen op dit moment veel mensen tegen muren op. Ze komen erachter dat ze toch niet zo onvermoeibaar, sterk, onkwetsbaar of gezond zijn als ze altijd dachten. En door mijn lepelervaring kan ik die mensen veel beter begrijpen en helpen dan ik anders had gekund. Ik zou nooit zeggen ‘Kom op, je kunt het niet maken om soepminnend volk de deur te wijzen, we vinden wel ergens een lepel’. Ik zeg ‘Wat vervelend hè, om niet altijd en met iedereen soep te kunnen eten. Ik snap het. En ik respecteer het. Wie weet eten we morgen samen soep.’

Volgens mij geldt het bovenstaande niet alleen voor chronisch zieke mensen, Volgens mij komt er voor ons allemaal wel een keer een punt waarop we zeggen: shit, ik kan dit niet. En dan is het fijn om te beseffen dat er meer dan één manier is om sterk te zijn. Sterk zijn is niet altijd doorgaan tot de bodem van de keukenla. Het is ook realistisch durven zijn over je lepels, en wat je ermee doet.

The Spoon Theory (Engels)

De Lepeltheorie (Nederlands)

image_pdfimage_print